Leun enkel op je schouders en je voeten. Duw vervolgens je bekken goed omhoog. Strek nu om en om steeds één been uit. Let er ondertussen op dat je je bekken zo veel mogelijk naar boven duwt en je niet opzij zakt.

Varianten:

  1. Zijwaarts doorzakken. Terwijl je één been zo goed mogelijk uitstrekt, zak je met dit been een beetje naar benen en kom je vervolgens weer omhoog. Doe dit gecontroleerd en langzaam.
  2. Doorzakken. Zak met het been dat aan de grond staat door aar beneden en duw je bekken vervolgens weer zoveel mogelijk naar boven.